Stadswandeling

 Geschiedenis

 Binnendieze

 Sint-Janskathedraal

 's-Hertogenbosch

 Straten en Stegen

  De Markt

  Pensmarkt

  Schapenmarkt

  Hooge Steenweg en Karrenstraat

  Fonteinstraat en Ridderstraat

  Lombardje

  Verwersstraat

  Prins Bernhardstraat en Keizerstraat

  Beurdsestraat en Weversplaats

  Korte – Lange Putstraat

  Kerkstraat en Gasselstraat

  Parade en Peperstraat

  Papenhulst en Nachtegaalslaantje

  Clarastraat en Choorstraat

  Bethaniëstraat en Sint Jacobshof

  Baselaarsstraat en Hekellaan

  Gasthuisstraat en Rozemarijnstraat

  Hinthamerstraat

  Sint Josephstraat en Nieuwstraat

  Schilderstraat en Louwse Poort

  Hinthamereinde en Zuid-Willemsvaart

  Tolburgwijk en GZG terrein

  Orthenstraat en Jan Heinsstraat

  Barbaraplaats en Sint Geertruikerkhof

  Visstraat en Binnenhaven

  Lepelstraat en Sint Jansstraat

  Molenstraat en Omgeving

  De Uilenburg

  Postelstraat en Kruisstraat

  Snellestraat en Minderbroedersstraat

  Vughterstraat

  Berewoutstraat en Westwal

  Kruisbroedershof en omgeving

  Tilmanshof en Kuipertjeswal

  Sint Jorisstraat en Spinhuiswal

 Vestingstad in het groen

 Bossche wijken

 Oeteldonk

 Evenementen


 

       

De Straten en Stegen

Visstraat en de Binnenhaven

           

Visstraat en Binnenhaven

  

De haven is gegraven in 1448. Bij de Visstraat mondden er twee Dieze-armen in uit één vanuit de Kruisstraat de andere kwam van de Molenstraat. Toen in 1976 ter plaatse aan parkeerruimte gewerkt werd kwam er dan ook een tweede toog te voorschijn. Vroeger lag de inmiddels ook daar

opgeheven Vismarkt niet aan de Lepelstraat. Zij nam een gedeelte van de Visstraat die er haar naam aan dankt in beslag. Op de hierbij geplaatste tekening is de toenmalige situatie duidelijk te zien de Vismarkt sloot bij de haven aan. Dat daar behalve andere goederen ook veel vis werd aangevoerd kan o.m. blijken uit de namen der huizen in de omgeving 'De Drie Schelvissen', 'De Gekroonde Kreeft', 'De Salm', 'De Gulde Steur' (zie de gevelsteen Visstraat 46) 'De Twee Snoecken' die genoemd worden op de sluitsteen boven de poort van het pand Kruisstraat 37 mooi gerestaureerd door architect Wijnen. Er zijn er nog veel meer bijvoorbeeld 'De Twee Meerminnen' en nu spijt het ons ten zeerste dat zelfs diepgaand speuren niet de wetenschap heeft opgeleverd dat dusdanige bewoonsters der zeeën ooit op onze Vismarkt zijn aangevoerd.
De dubbele trap naar het water in de nabijheid heet 'Mosseltrap'. Dat de visaanvoer per schip geschiedde zal duidelijk zijn als men de namen van weer andere huizen in de buurt kent: 'Het Gorcumsch Schip', ‘t Rotterdamsche Marktschip', 'Het Leidsche Schip' en nog meer.
De haven werd vroeger al Binnenhaven genoemd maar ook 'Mandemakers' een naam die ook gegeven werd aan een straatje dat er op uitkwam er was ook een pakhuis genaamd 'De Mandemaker' en nog een huis dat de naam' 't Mandenmakerskamertje' droeg.

Het zal allemaal wel iets te maken gehad hebben met mandemakerij ter plaatse. Aan het begin van de haven die later de namen Brede en Smalle Haven zou krijgen, stond nog in onze jeugd aan de smalle kant het café 'De Drie Linden'. De lindebomen die er vóór stonden zijn evenals het café verdwenen zo ook de rij hoge bomen die vroeger de Handelskade zoals de haven daar genoemd werd sierde.
Het Bokhovenstraatje met de Bokhoventrap naar het water wijst misschien op de bootdienst naar Bokhoven die er ooit geweest is. Overigens heeft dit straatje in de 18de eeuw de naam 'De Wip' gedragen naar de aldus genaamde hijskraan die ter plaatse aan de haven stond. De arbeiders die deze kraan bedienden werden 'kraankinderen' genoemd zij vormden ook een eigen gilde dat uit acht personen bestond. Later zou 'De Wip' verdwijnen er kwam een andere kraan bij de Visstraat.

      
Bij het Bokhovenstraatje staat het bekende huis 'Dit is in Vlijmen' dat zo genoemd werd omdat men vanaf de bovenverdieping Vlijmen kon zien liggen het heeft een mooie gevelsteen.
Ook de haven is een straat met straatjes het Steenstraatje zo genoemd naar een huis op de hoek dat 'De Steenoven' heet Achter de Vergulde Truifel dat zijn naam ook aan een huis dankt. Verder was er De Hemdsmouwen De Kromme Elleboog namen die ons doen vermoeden dat zij iets met loop en vorm van deze straatjes te maken hebben Het sterk hellende Waaigat dat nu voorzien is van gemakkelijke trappen deed zijn naam eer aan, het was
vroeger een naargeestig tochtig stukje straat. En dan is er het Werfstraatje dicht bij de Jan Heijnsstraat waar ook nog een stukje Diest onder de

Kalkbrug doorstromend in de haven uitmondt. Misschien is er in of nabij dit straatje aan de waterkant evenals dat op de Zuid-Willemsvaart het geval was eens een scheepswerf geweest. Lang geleden hebben wij in dit straatje nog een andere bijzonderheid waargenomen langs de huizen lagen vele herkenbare fragmenten van grafzerken. Ook in enkele straatjes aan de Orthenstraat lagen die stukken hardsteen of marmer. Hoe kwamen die daar? Wij hebben daar een theorie over. Toen na 1629 de St. Pieterskerk op De Plein moest worden afgebroken bleek dat de autoriteiten haast hadden de burgers kregen slechts een paar dagen de tijd om familiezerken uit de kerk weg te halen die particulier eigendom waren. Nu spreekt het vanzelf dat lang niet iedereen in staat was om dat binnen zo korte tijd klaar te spelen. Het lijkt niet zo onverklaarbaar dat men de niet weggehaalde zerken in stukken gekapt en in naburige onaanzienlijke straatjes heeft gedeponeerd om er van af te zijn.
In oude tijden was de haven bij 'Den Boom' ook waterpoort men kon met een zware boom of balk de toegang tot de haven afsluiten. Bovendien werd de haven ingang geflankeerd door twee hoge verdedigingstorens. Van één daarvan, aan de westzijde is het onderstuk nog altijd aanwezig achter de sluiswachterwoning En nu moeten we ons gemoed even luchten. Er is aan de Brede Haven prachtig gerestaureerd. Het doet je Bossche hart goed en het is een lust voor het oog om eens langs die fraaie gevels te wandelen!

    

Smalle en Brede Haven

  

De Bossche Haven is een omstreeks midden 14e eeuw uitgegraven Diezearm. Oorspronkelijk lag de haven buiten de eerste stadsomwalling en functioneerde als vestinggracht. Bij de Visstraat mondden twee Diezetakken er in uit: een vanuit de Molenstraat (de Vughterstroom), de andere kwam

van de Kruisstraat (de Verwersstroom). Bij de aanleg van de tweede stadsmuur werd de Verwersstroom vanaf de Kruisstraat tot aan de Binnenhaven gedempt. De dichtgemetselde toog onder de brug in de Visstraat kwam in 1976 weer in het zicht. Deze Visbrug wordt al in 1356 in schriftelijke bronnen genoemd. De westelijke oever van de haven is de Brede Haven, de oostelijke oever is de Smalle Haven. Langs de Brede Haven (aangelegd tussen 1441 en 1449) ontwikkelden zich de eerste kademuren. Het Bossche havenkwartier kende altijd drukke handelsactiviteiten. Bloeitijden werden echter afgewisseld met economisch slechte tijden.
Begin 15e eeuw werd de Brede Haven nog aangeduid als 'de straat voorbij de Visbrug' (platea ultra pontem piscium). In de stukken komt de Brede Haven ook voor als Achter de Mandemakers. Een zijstraatje van de Brede Haven heeft tot in de jaren veertig van de vorige eeuw de naam Mandenmakersstraatje gedragen. Er was ook een pakhuis, dat De Mandemaker heette en er was het woonhuis 't Mandenmakers-kamertje. Allemaal namen die teruggaan op mandenmakerij ter plaatse.
Veel panden aan de Brede Haven zijn gesloopt voor een grootschalige flat, de Dommelflat. Het laatste deel van de Brede Haven werd in 1977-1980 echter gerestaureerd en waar reeds gesloopt was kwam aangepaste nieuwbouw.

De haven van 's-Hertogenbosch is een uitgegraven Diezearm. De westelijke oever heet Brede Haven de oostelijke oever is de Smalle Haven. De Brede Haven is het oudst (midden 15e eeuw) en strekt zich uit tot het Schrijvershuisje aan de Boom. Langs de Brede Haven werden de eerste kademuren aangelegd. De Smalle Haven is pas na 1630 tot ontwikkeling gekomen. In de beginperiode van de stad deed de haven dienst als stadsgracht. De eerste stadswal grensde de percelen van de Orthenstraat aan de achterzijde af. De stadsmuur liep evenwijdig aan het Diezewater. Deze percelen waren daardoor aan de achterkant niet toegankelijk. Langs de Brede Haven vestigden zich schippers en kooplieden aan de Smalle Haven woonden vooral neringdoenden.
                
In 1442 werd een hijskraan gebouwd bestemd om goederen uit schepen te lossen en te laden. Deze machine werd de Kraan genoemd naar het beeld van een kraanvogel dat erop geplaatst was. Hij stond ongeveer tegenover de Kruisstraat de bedienaren die in de tredmolen liepen werden kraankinderen genoemd. Door het enorm toegenomen handelsverkeer en de grote drukte in de haven ontstond vanaf 1630 tekort aan ligruimte. Schepen moesten buiten de waterpoort 'Aen den Boom' aanleggen en moesten soms dagen wachten voor een plaats in de haven. Vooral hooischepen hadden veel plaats nodig. De capaciteit van de bestaande haven werd sterk vergroot door de bouw van kademuren en de aanleg van een van kasseien voorziene weg in 1634/35 tussen de Visstraat en het Bokhovenstraatje. Zo ontstond de Smalle Haven.

             

Buitenhaven

  

Eind juni 1880 sloot de gemeente 's-Hertogenbosch een overeenkomst met waterschap De Beneden Dommel. Hierin verplichtte de gemeente zich om de lozing van de Dommel op de (Buiten)Dieze te verbeteren.

Onder meer zou de watergang tussen de nieuwgebouwde sluis bij de Vughterpoort en de (Buiten)Dieze verbreed en verdiept worden. De gemeenteraad besloot om “aan de gracht achter de haven vanaf de Dieze tot aan de brug in de Stationsweg met de daarlangs gelegene kade de naam te geven van Buitenhaven”. Daarmee werd duidelijk de bestemming van dit laatste gedeelte van de Stadsdommel aangegeven. Pas vijf jaar later overigens werd het Dommelgedeelte langs de Buitenhaven op dezelfde diepte uitgebaggerd als de (Buiten)Dieze en de Zuid-Willemsvaart.
De Buitenhaven strekt zich dus uit van de Oliemolensingel tot aan de Wilhelminabrug. De Buitenhaven is altijd met enkele straatjes verbonden geweest met de Brede Haven. In de afgelopen jaren zijn er enkele van verdwenen het Steenstraatje, de Hemdsmouw en Achter den Steenoven. Overgebleven zijn drie verbindingsstraatjes met de namen Korte Elleboog, De Vergulde Truffel en het Waaigat. Bij hoge waterstanden in de winter werd vroeger de Binnenhaven afgesloten en voeren de schepen de Buitenhaven in om daar te worden gelost of geladen. Door de hogere kademuur ging dat hier gemakkelijker dan in de Binnenhaven. De huizen aan de Buitenhaven zijn vaak voorzien van een trapje voor de deur. Dat herinnert aan de vestingtijd toen de wal hoger tegen de huizen lag. In de Buitenhaven lagen vroeger veel woonschepen. Tegenwoordig meren er vooral plezierboten aan.

       

  Straten en Stegen:EersteVorige23242627VolgendeLaatste

Bronnen, noten en/of referenties:
Straat in Straat uit (1984)
's-Hertogenbosch van straet tot stroom (2006)
Stadsblad door Ed Hupkens
Erfgoed 's-Hertogenbosch

home

Website informatieGastenboek

Foto's copyright © bij groetenuitdenbosch.nl