Stadswandeling

 Geschiedenis

 Binnendieze

 Sint-Janskathedraal

 's-Hertogenbosch

 Straten en Stegen

  De Markt

  Pensmarkt

  Schapenmarkt

  Hooge Steenweg en Karrenstraat

  Fonteinstraat en Ridderstraat

  Lombardje

  Verwersstraat

  Prins Bernhardstraat en Keizerstraat

  Beurdsestraat en Weversplaats

  Korte – Lange Putstraat

  Kerkstraat en Gasselstraat

  Parade en Peperstraat

  Papenhulst en Nachtegaalslaantje

  Clarastraat en Choorstraat

  Bethaniëstraat en Sint Jacobshof

  Baselaarsstraat en Hekellaan

  Gasthuisstraat en Rozemarijnstraat

  Hinthamerstraat

  Sint Josephstraat en Nieuwstraat

  Schilderstraat en Louwse Poort

  Hinthamereinde en Zuid-Willemsvaart

  Tolburgwijk en GZG terrein

  Orthenstraat en Jan Heinsstraat

  Barbaraplaats en Sint Geertruikerkhof

  Visstraat en Binnenhaven

  Lepelstraat en Sint Jansstraat

  Molenstraat en Omgeving

  De Uilenburg

  Postelstraat en Kruisstraat

  Snellestraat en Minderbroedersstraat

  Vughterstraat

  Berewoutstraat en Westwal

  Kruisbroedershof en omgeving

  Tilmanshof en Kuipertjeswal

  Sint Jorisstraat en Spinhuiswal

 Vestingstad in het groen

 Bossche wijken

 Oeteldonk

 Evenementen


 

       

De Straten en Stegen

De Uilenburg

           

Uilenburg

  

Over het ontstaan van de naam Uilenburg is nooit zekerheid geweest. Wel hebben oude en nieuwere schrijvers niet-gedocumenteerde veronderstellingen geuit zij spreken bijvoorbeeld van een berg waarop uilen huisden wat in Den Bosch al heel onwaarschijnlijk is. Anderen hebben het over een burcht waar dit nachtgevogelte gehuisd zou hebben, maar de geschiedenis vermeldt niets over een dergelijk gebouw in deze buurt. Ook is gesproken over een conventie Uilenburg in de 14de eeuw waarover verder niets bekend is.

Indien misschien het convent der zusters van de Uilenburg bedoeld wordt kan dat ook al niet omdat de nonnetjes zich hier vestigden in 1423 en dat was dus in de 15de eeuw. Laten wij ook eens een gokje wagen waarbij de lezer wordt uitgenodigd rekening te houden met het feit dat vooral in oude tijden namen van steden, dorpen, straten en wijken om over familienamen maar niet te spreken veelvuldig verbasterd en veranderd werden. Daar zijn ook in 's-Hertogenbosch meerdere voorbeelden van aan te wijzen. Wat nu de onderhavige eeuwenoude wijk betreft komen wij een reeks namen tegen die te lang is om hier te vermelden. Enkele noemen wij ter illustratie voor u op Hulenborch, Ruienburg, Uulenborch, Uylenborgh enzovoort tot het tegenwoordige Uilenburg toe. Nu heeft één van deze namen in verband met de gevonden verdere gegevens in het bijzonder onze aandacht getrokken namelijk de naam Ruienburg. Willen we dit woord verklaren dan komen we in de middeleeuwen terecht het Middel-Nederlands Woordenboek van Verdam brengt ons verder. Ruien of ruilen betekende namelijk pellen en wel van graan berch was zonder meer korenberg. Zo kan de naam Ruienburg het veelvuldig of regelmatig pellen van koren betekenen en dat komt ons zeker voor deze buurt niet zo vreemd voor. Het door de stad benodigde graan werd namelijk in hoofdzaak door de St. Janspoort binnen gebracht. En meerdere straatnamen in de buurt vertellen ons

dat het hier één echt graancentrum geweest moet zijn de beide Korenstraatjes waar veel korenkopers en ook de hoofdman van hun gilde woonden de Korenbrug, de Korenbrugstraat en ook de Lepelstraat repel was de naam van een middeleeuwse korenmaat. Er was in deze buurt ook een huis dat 'De Corenberch' heette. En in de Karrenstraat waar men zijn wagens stalde en waar in de herbergen veel koren verhandeld werd droeg een pand zowaar de naam 'De Hollandsche Rullewagen'. Daarom komt het ons ook waarschijnlijk voor dat er in deze wijk één of meer graanpellerijen geweest zijn. Misschien was de watermolen waarvan voor enkele jaren de sporen bij de Molenstraat gevonden werden wel een pelmolen zoals die nog altijd in de provincie Groningen worden aangetroffen.
Gezien het bovenstaande lijkt het ons niet zo onwaarschijnlijk dat uit de oude betiteling van deze graanbuurt 'Ruienburg' tenslotte de tegenwoordige naam 'Uilenburg' is ontstaan.

    

Uilenburgstraatje

Het Uilenburgstraatje ligt tussen Uilenburg 8 en 10 en Postelstraat 52 en 54. In de zeventiger jaren van de vorige eeuw is het steegje mooi gerestaureerd met beeldbepalende gevelwanden. Het langgerekte pand op nummer 2-12 is in feite het achterhuis van het pand dat op de hoek staat van Postelstraat met nummer 52. Aanvankelijk was het een woonhuis. In 1538 werd er een Bank van Lening in gevestigd. Rond 1600 werd bierbrouwer Willem Vervorst eigenaar van het pand maar of hij het ook als brouwerij gebruikte is niet zeker. Op 2 oktober 1790 werd het gebouw verkocht aan de familie Van Rijckevorsel een echt wijnhandelgeslacht. Wijnkoopman was destijds een deftig beroep dat al eeuwen in de stad werd uitgeoefend. Thomas Cornelis van Rijckevorsel bouwde achter de woning een achterhuis dat met twee topgevels tot aan de Binnendieze (Vughterstroom) reikte. Hij maakte er een wijnpakhuis van. In het monumentale gebouw bevindt zich op zolder nog steeds een houten windas waarmee de ladingen wijn van en naar de verdiepingen werden getakeld. In de achtergevel ter hoogte van het straatniveau bij de Binnendieze is een baksteen ingemetseld met de initialen van de opdrachtgever en het jaartal van de aanbouw (TVR 1791). In 1986 is het complex verbouwd tot wooneenheden het pand is rijksmonument. Op zowel de hoek Uilenburgstraatje/ Postelstraat als Uilenburgstraatje/ Uilenburg ligt een schampsteen,

 om de hoek van het gebouw tegen beschadigingen te beschermen. Het is een oude, stenen kanonskogel uit de middeleeuwen, de steen had in de volksmond de bijnaam 'kloot'.

          

Lamstraatje

  

Tussen Postelstraat 28 en 30 bevindt zich het Lamstraatje. Het straatje doorlopend komt men uit op de straat met de naam Uilenburg. Niet te

verwarren met het Uilenburgstraatje dat verderop is en ligt tussen Postelstraat 52 en 54. Het Lamstraatje dankt zijn naam aan het pand Postelstraat 34 dat 'Het Wit Lam' heette. Vroeger strekte het perceel van deze woning zich uit tot over dat van het hoekhuis op nummer 30 en had een achteruitgang in dit steegje. In 1566 werd het bewoond door Embert Thulinck een man die in dat jaar meedeed met de beeldenstormen in de stad. In 1600 was er een brouwerij in gevestigd. Het hoekhuis Postelstraat 28 heette 'Nieuw Herlaer' en kreeg na 1669 de naam 'Het Casteel van Onsenoort'. Het andere pand op de hoek Lamstraatje en Postelstraat 30 had de naam 'De Groote St. Antonis'. Het was van oorsprong een middeleeuwse woning van het gebruikelijke Bossche type dus met een vast achterhuis. Dit pand heeft zelfs twee achterhuizen waarvan het eerste onderkeldert is. Aan het einde van de 19e eeuw is het grondig verbouwd. In de zijgevel langs het Lamstraatje is te zien dat alleen de begane grond en kelder uit de middeleeuwen stammen. De voorgevel met originele winkelpui dateert volledig uit de 19e eeuw. Bij een restauratie zijn de oorspronkelijke moer- en kinderbalken teruggevonden. Het Lamstraatje liep tot 1975 dood op de Binnendieze (Vughterstroom) in dat jaar werd het via een houten bruggetje met de Uilenburg verbonden. Het behoort tot het middeleeuwse stratenpatroon.

                    

Capucijnenpoort

  

Aan de Postelstraat ligt het zijstraatje Capucijnenpoort. De eerste straat is genoemd naar de Abdij van Postel, die in 1258 van poortenaar Lambertus Sus een pand ter beschikking kreeg aan Postelstraat 16. De abdij vestigde er een uithof (een boerderij) in, die later uitgroeide tot een refugiehuis.

In 1614 verkochten de Postelse norbertijnen een deel van hun wijkplaats aan de paters capucijnen, die op het achterterrein hun kerk en klooster met 33 cellen bouwden. Zij kochten ook grond bij van het Loyersgasthuis en een stuk van de straat Uilenburg, waaraan dat gasthuis lag. Door al deze aankopen werd het een zeer uitgestrekt terrein. De capucijner orde wilde een tegenwicht vormen voor het opkomende protestantisme. Na de inname van de stad in 1629 door Frederik Hendrik werden klooster en kerk geconfisqueerd, alle mannelijke kloosterlingen moesten de stad verlaten. Het kloostercomplex werd verkocht, alles werd in het begin van de 19e eeuw gesloopt. De capucijnen zijn in 1896 teruggekeerd. De straat waaraan hun klooster lag, heette eerst Capucijnenlaan en later Kloostersingel, tegenwoordig de Van der Does de Willeboissingel.
Een poort die vanuit de Postelstraat toegang gaf tot het kloostercomplex, kreeg al snel de naam Capucijnenpoort. Waar die poort precies gestaan heeft, weten we niet zeker. Het tegenwoordige straatje Capucijnenpoort heette in de 16e eeuw nog Waterstraatje; in een schepenakte van 1577 werd het ook aangeduid als: 'dat straetken neven den Postel'. De Capucijnenpoort liep vroeger dood op een muur; begin jaren tachtig van de vorige eeuw werd het doorverbonden met de Uilenburgstraat.

    

  Straten en Stegen:EersteVorige26272930VolgendeLaatste

Bronnen, noten en/of referenties:
Straat in Straat uit (1984)
's-Hertogenbosch van straet tot stroom (2006)
Stadsblad door Ed Hupkens
Erfgoed 's-Hertogenbosch

home

Website informatieGastenboek

Foto's copyright © bij groetenuitdenbosch.nl