|
         
          
|
 |
De Bossche wijken
De Muntel - De Vliert |
 |
|
In Muntel / Vliert is meer dan
de helft van de woningen gebouwd vóór 1945. Na 2000 zijn er bijna geen
woningen meer bijgebouwd. Er staan relatief veel huurwoningen. De gemiddelde
woningwaarde ligt beneden het stedelijk gemiddelde en de woonomgeving is
niet erg groen. De inwoners zijn niet zo tevreden over het basisonderwijs en
de infrastructurele voorzieningen. Een hoog percentage inwoners vindt dat
'rommel op straat' vaak voorkomt en er zijn verhoudingsgewijs veel
milieuklachten. Er zijn weinig arbeidsplaatsen.
|
 |
De Diavoorstelling van de
wijken
Klik op één van de buurten
voor een diavoorstelling.
De Muntel / de
Vliert bestaat uit de volgende buurten: De Muntel, De Vliert en Orthenpoort |
De Muntel
- De vestingwet van 1874, die tot gevolg had dat de vestingstad
's-Hertogenbosch ontmanteld moest worden, maakte het mogelijk om buiten de
stadsomwalling te gaan bouwen. Dat was erg hard nodig want alles wat
enigszins bewoonbaar was binnen de oude muren werd ook zeer intensief
bewoond. Er werden woekerhuren gevraagd voor krotwoningen. Sommige delen van
de binnenstad waren overbevolkt en met de hygiëne was het slecht gesteld.
Rond de eeuwwisseling ging de rijksoverheid zich bemoeien met de bevordering
van de volkswoningbouw. Dit leidde tot de Woningwet van 1901. Op basis van deze wet
konden stichtingen, vennootschappen en gemeenten een bijdrage vragen van het
Rijk in de bouwkosten van arbeiderswoningen. In juli 1904 maakte Ing. Arch. P.Th Stornebrink op eigen initiatief een ‘plan tot
uitbreiding der stad ‘s-Hertogenbosch in verband met de verbetering der
volkshuisvesting.’ Dit plan was opgedragen aan ‘den Hoog Welgeb.
Hoog Edel Achtbaren Heer Jhr. P.J.J.S.M. van der Does de Willebois,
burgemeester van 's-Hertogenbosch. Het plan beoogde het ophogen en bebouwen
van ‘de Muntel’ en ook het bouwterrein ‘Bossche pad’ was in
het plan al ingetekend. In 's-Hertogenbosch kwam de dienst Gemeentewerken
pas laat uit de startblokken . Pas in 1917 werd het zg. ‘Muntelplan’
opgesteld. Dit plan omvatte de wijken De Muntel, De Bossche Pad en later
werd De Hinthamerpoort toegevoegd. De ontworpen stedenbouwkundige
plannen waren dicht bebouwde varianten van de tuinwijkachtige uitbreidingen
in andere Nederlandse steden. De groenvoorziening was zeer sober. De
bedoeling was om goedkope woningen te bouwen voor arbeidersgezinnen.
Tegelijk zou begonnen kunnen worden met sanering van de verkrotte
binnenstad. In april van het jaar 1921 waren de opgehoogde Muntel en De
Bossche Pad waaraan krachtens een nadien genomen raadsbesluit de ophoging
aan de Hinthamerpoort (9ha) was toegevoegd bouwrijp en hadden deze
ophogingen het ontstaan van ‘De IJzeren
Vrouw’ tot gevolg. Nu kon er eindelijk gebouwd worden. De ‘de Muntel’ is evenwijdig aan de
stadswallen gebouwd, wat heel goed herkenbaar is in het stratenpatroon.
Aanvankelijk was het de bedoeling, dat de Zuid-Willemsvaart om de wijk heen
gelegd zou worden, maar dit is vanwege de hoge kosten afgeblazen. De
bomenrij aan de Van Lanschotlaan is nog een stille getuige van dit plan. De
wijk is gebouwd, om de arbeiders in de stad huisvesting te bieden. In die
tijd telde de stad nog vele krotten. Met sociale woningbouw, kon men dit
probleem een halt toeroepen. De kosten van de bouw van de wijk rezen de pan
uit, waardoor de huurprijzen van de woningen niet voor de arbeiders
opgehoest konden worden.
Alleen ambtenaren en middenstanders konden dit betalen. De Muntel is de
eerste wijk in de gemeente met een rioleringssysteem. De pompinstallatie van
de wijk is bewaard gebleven en staat thans op de hoek van de Vlijmense Weg met de Engelense Weg. De naam
Muntel is waarschijnlijk te herleiden naar het woord Muntelo. Een ruig
begroeide plaats in een drooggelegd moeras. Het kan ook een verbastering van
het woord mint zijn, omdat daar waar de wijk is aangelegd een paar grafurnen
zijn gevonden.
|
      |
|